donderdag 21 juni 2012

20120619-RIA inspraak CR én reactie raad


Raadsinformatieavond 19/6/2012

Inspraaktekst Aad Burger, Clientenraad  Wmo Pv6

Geachte raadsleden en toehoorders,


Mede namens de voorzitter van de Clientenraad die eerder van plan was vanavond in te spreken, vraag ik uw aandacht voor het volgende:

De decentralisatie van de AWBZ zal zoals u weet nog geen doorgang vinden in 2013. Dit overgangsjaar zal als pilotjaar door de gemeente worden gebruikt. De vernieuwing van het aanbod komt soms uit geoormerkte budgetten.

In bijlage 2 van de Voorjaarsnota, pagina 56, lezen we een structurele verlaging van de reservering voor de pakketmaatregel AWBZ. Heeft dit te maken met de gekozen visie van het ‘Meedoen naar vermogen’, zoals dit in de nota staat beschreven? Is hierbij rekening gehouden met een verwachte toename van clienten van 23 procent die ook worden genoemd?

De Clientenraad Wmo Pv6 realiseert zich dat een voorjaarsnota maken in de huidige onduidelijke tijd geen sinecure is. Maar vorig jaar hebben raad en college ingestemd met het reserveren van de van het Rijk ontvangen AWBZ-compensatiegelden in een AWBZ-fonds. De Clientenraad is verheugd dat deze geoormerkte budgetten voor de pakketmaatregel worden gebruikt om de te verwachte problematiek aan te pakken. Wij vragen ons wel af, of een structurele verlaging van de reservering juist is. Deze verlaging wordt in de nota niet met argumenten onderbouwd. Wilt u daar nog eens goed naar kijken?


Voorzitter: Heeft een van de raadsleden hierover iets te vragen?

 SP: Waarom bent u zo tegen deze verlaging en heeft u voorbeelden dat er geld tekort is

 Aad Burger: We hebben allereerst bezwaar tegen deze structurele verlaging omdat die in strijd is met de besluiten die de gemeenteraad in 2010 en 2011 heeft genomen. Zij zijn ook in strijd met de Motie Wolbert/Sap die in 2009 in de Tweede Kamer is aangenomen dat deze compensatiegelden ook echt gebruikt moeten worden voor het doel waarvoor het Rijk ze gegeven heeft. Juridisch mag de gemeenteraad hiervan afwijken, maar in 2010 en 2011 heeft de raad besloten deze gelden te reserveren en niet naar de Algemene Middelen te laten vloeien. Wij doen u een beroep op u daar niet van af te wijken. Wat vervolgens uw vraag over tekorten en bezuinigingen betreft: persoonlijk zie ik als bewoner van het woon-zorg-complex Nieuw Bleyenburg dat op allerlei punten wordt bezuinigd: minder plaatsen voor de dagopvang, geen tijd en geld voor de huiskamergesprekken die bij de Kanteling een grote rol zouden spelen, geen ondersteuning meer voor sociale activiteiten in de serre van het gebouw, het na enkele zomermaanden weer afschaffen van de wijkzuster voordat haar werk goed en wel begonnen was, om een paar voorbeelden te noemen. U zelf zult als raadsleden ook van uw eigen achterban dit soort signalen ontvangen hebben.

vrijdag 20 april 2012

Ingezonden brief Zorg&Welzijn voorjaar 2012

Dit is de complete tekst van de ingezonden brief van Aad Burger naar het blad Zorg&Welzijn.

Wmo: bij de eigen bijdragen geldt draagkracht en geen “botte” inkomensgrens

De Centrale Raad van Beroep (CRvB) oordeelde op 18 januari 2012 (LJN:BV1309) expliciet dat een gemeente in haar verordening geen inkomenstoets mag opnemen en alleen de wettelijke eigenbijdrageregeling. Voor de burger met een middeninkomen maakt dat veel uit.

door Aad Burger

Het artikel van Hans Gorissen in het nummer van 6 april 2012 is een beetje ingehaald door een uitspraak van de Centrale Raad van Beroep (CRvB) van 18 januari 2012. Daarin wordt de uitspraak van 19 december 2011 bevestigd, maar ook gespecificeerd ten aanzien van het in natura verstrekken van Wmo-voorzieningen. Een inkomensgrens zoals sommige gemeenten hanteren, wordt uitdrukkelijk afgewezen.

Voor Utrecht was dit van veel belang omdat de gemeente bij de tarieven voor de Regiotaxi per 1 januari 2012 een inkomensgrens van 150% procent van de toepasselijke bijstandsnorm hanteerde. Het Bestuur Regio Utrecht (BRU) dat de Regiotaxi regelt had zijn vrije tarief per die datum fors verhoogd naar €3,90 (instappen en 1 zone) zodat een korte enkele reis € 7,80 ging kosten. De gemeente Utrecht gaf de mensen met een beperking (Wmo-indicatie) en een laag inkomen een flinke korting: zij hoefden maar 2 maal 50 cent te betalen: € 1,00. Maar “vrije reizigers” EN mensen met een beperking die een verzamelinkomen boven de 150% grens hadden (belastingaangifte 2010) moesten € 7,80 gaan betalen (en voor elke zone extra € 3,90 meer). Dit leidde tot protest en mensen bleven vaker thuis. Het gebruik van de Regiotaxi bij deze mensen liep met meer dan 50% terug, van participatie in het maatschappelijk leven kwam minder terecht, chauffeurs meldden dat een aantal van hen binnenkort ontslagen zou worden.

De uitspraken  van de CRvB kwamen als geroepen. De Clientenraad Wmo PV6 adviseerde het College van Burgemeester en wethouders per omgaande het hoge tarief voor Wmo-geindiceerden te schrappen. En dat heeft de gemeente ook direct gedaan.

Het wel toegestane hanteren van een eigen bijdrage voor een vervoersvoorziening als de Regiotaxi is technisch niet eenvoudig. Maar in elk geval wordt dan rekening gehouden met de draagkracht en de andere eigen bijdragen die de betreffende persoon in het kader van de Wmo (en AWBZ) al betaalt. De berekening van de eigen bijdrage en de draagkracht is bovendien geen zaak van de individuele gemeenten. In artikel 16 Wmo is het CAK aangewezen als de instantie om de Eigen Bijdrage vast te stellen en te innen. Daarbij hanteert het CAK een Rijksregeling met als componenten een Minimaal deel, Inkomensafhankelijk deel, daarover 33% Wtcg korting. Als eenmaal het draagkracht-plafond van de betreffende persoon is bereikt, worden verdere eigen bijdragen niet meer in rekening gebracht.

Voor mensen met een middeninkomen zal dit vaak (veel) gunstiger uitpakken dan wanneer de “botte bijl” van een inkomensgrens wordt gehanteerd. Bij dat laatste moet bijvoorbeeld een alleenstaande 65+-er met een verzamelinkomen boven € 16.007 per jaar evenveel gaan betalen dan leeftijdgenoten met een inkomen van bijvoorbeeld      € 20.000/30.000/40.000 – 100.000 enz.

De uitspraak van de CRvB van 18 januari 2012 moet bij alle gemeenten ertoe leiden dat de inkomensgrens per omgaande wordt afgeschaft. De rechtsgrond ontbreekt. Laten alle gemeenten het goede voorbeeld van Utrecht volgen. Wachten op een formele wijziging van de betreffende gemeentelijke verordening is beslist niet toegestaan en zal tot schadeclaims en onnodige kosten leiden.

Aad Burger is namens de ouderenbonden in de stad Utrecht (COSBO) lid van de gemeentelijke Cliëntenraad Wmo PV6 (voorzieningen).

maandag 20 juni 2011

20110616-Inspraak RIA Voorjaarsnota 2011


Raadsinformatieavond 16/6/2011

Inspraaktekst door voorzitter Cliëntenraad Wmo Pv6 over de besteding van de AWBZ-compensatiegelden.


Geachte raadsleden en toehoorders in deze zaal,

De Cliëntenraad Wmo Pv6 zou graag haar licht laten schijnen op enkele punten uit de voorjaarnota 2011. Om dit goed te kunnen doen, zou ik graag willen beginnen met de ‘Verantwoording 2010’. Hierin is te lezen (op pag. 112) dat "De gevolgen van de AWBZ-versobering voor de individuele voorzieningen (nog) niet zichtbaar zijn in absolute aantallen, maar wel ziet u dat de uitgaven zijn toegenomen als gevolg van complexere problematiek."

Hierop aansluitend stelt het College in de Voorjaarsnota (pag.10) voor de Vrijval stelpost pakketmaatregel AWBZ, jaarsnede 2010, 1,1 miljoen naar de algemene middelen te laten vloeien. Het College wijst wel op Amendement 26 dat vorig jaar bij de behandeling van de Voorjaarsnota is aangenomen, maar trekt daaruit niet de conclusie dat de Vrijval over 2010 in het reservefonds moet blijven. Als CR pleiten we ervoor dit wel te doen. De gevolgen van de pakketmaatregel AWBZ worden inderdaad pas langzaam aan duidelijk, maar volgens ons is de kans groot dat het geld van 2010 de komende paar jaar hard nodig zal zijn om die gevolgen op te vangen. De afweging of het geld tenslotte niet nodig zal zijn en het huidige beleid duurzaam toereikend is, moet volgens de CR pas gemaakt worden aan het eind van de periode waarvoor de compensatiegelden bedoeld zijn. Wij vragen u daarom het College daarop te wijzen en de Voorjaarsnota op dit punt te wijzigen. Hierdoor waarborgt de gemeente een stabiel Wmo-beleid voor de individuele voorzieningen.

In Bijlage 1 (pag.45) staat verder dat er vanaf 2011 structureel 875.000 per jaar aan het budget voor de huishoudelijke hulp wordt toegevoegd. Wij steunen dit voorstel van harte. Ons bereiken berichten dat veel toewijzingen van huishoudelijke hulp plaatsvinden op basis van een telefoongesprek. Daardoor wordt in sommige gevallen een te laag aantal uren toegewezen omdat de aanvrager vaak de neiging heeft zich over de telefoon beter voor te doen dan hij/zij is, We hopen dat in het kader van de Kanteling vaker een keukentafelgesprek kan plaatsvinden om dit te voorkomen. Dan kan ook beter worden voorkomen dat teveel uren worden toegewezen.

Op pag. 18 van de nota en in Bijlage 2 (pag.47) lezen we dat in het kader van Doelmatigheidsmaatregelen vanaf 2014 per jaar 1,5 miljoen wordt bespaard. We hopen dat dit kan zonder dat de doelmatigheid van de betreffende voorzieningen en de participatie van de betrokkenen eronder gaat lijden. Wij zullen de vinger aan de pols houden en we hopen dat u dat ook zal doen.


Martijn van Andel, voorzitter Cliëntenraad Wmo Pv6